maandag 22 september 2008

VII Beelden, bedreiging, aantrekkingskracht

Beelden

Om onderbewust of onbewuste archetype te controleren moet je weten wat hen triggert of waarop ze reageren. Een trigger moet een combinatie zijn van karakteristieken die wij onderbewust of onbewust herkennen. Ergens in ieders geest moeten “beelden” zijn van een archetype kind. Wanneer een echt kind voorbij komt met nagenoeg de overeenkomst van het “beeld” dan zal het archetype moeder worden getriggert. Net als wanneer je een onderbewust of onbewust submissive archetype wil triggeren of manipuleren zul je moeten weten bij welke “beelden” ze reageren. Door deze te bereiken ga je voorbij aan het bewust en rationeel denken van het individueel en breek je daarmee de sub in hun kern. Dit is dus hoe je een diepe reactie kunt krijgen. Hoe sterker het realistische “beeld” is voor de achetype hoe sterker de achetypische reactie.


Bedreiging en agressie, dominantie en onderwerping

De meeste dieren hebben op een significant moment in de ontwikkeling een reactie ontplooit naar fysieke grootte van andere dieren. Wanneer er een confrontatie met een lid van hetzelfde of ander ras ontstaat – mensen inbegrepen – zal de mate van dreiging deels afhangen van de grootte van de ander. Dit leidt naar manipulatie en het is gewoonlijk voor een dier om zichzelf zo groot mogelijk te maken om de potentiële vijand te intimideren. Sommige soorten kunnen zichzelf opblazen om groter te lijken en daarmee meer dreiging uiten. De armen, benen of vleugels uit elkaar maken een individueel ook groter en meer bedreigender. Voorwaartse beweging naar een ander individu kan ook dreigend zijn. Het bewust kleiner maken van grootte wordt vaak gebruikt om onderwerping en overgave aan te geven. Voor dieren in een kudde is kruipen en neergebogen hoofd ook zo’n indicatie. Dit soort gedrag kan ook vaak symbolisch zijn, het laten zien van onderwerping nog voor enige dreiging of gevecht heeft plaatsgevonden.
Oogcontact kan aanleiding zijn voor de bereidheid van een gevecht. Het wegdraaien of naar beneden draaien van de ogen is een indicatie dat het individu niet wil vechten en niet bereid is om te vechten.
In het mensenrijk is hoogte een ritueel element binnen vele culturen. Verschillende hoeden en kapsels zijn de revue gepasseerd sinds het ontstaan ervan om symbolisch de lengte te vergroten. Net als het podium bij de medaille-uitreiking waarbij de rangorde wordt uitgedrukt in hoogte.
Aan de andere kant is het afnemen van de hoed – waardoor er ook geen oogcontact is – het minimale gedrag om respect te tonen voor iemand. Buigen of knielen wordt gebruikt om extreme onderdanigheid te benadrukken (zoals religieuze en politieke erkenning).
D/s zijn natuurlijk niet alleen bezig met confrontatie, dreiging en agressie. Leiderschap en samenwerking in al hun vormen hebben ook elementen van dominantie en onderwerping in zich. Hoewel het lijkt dat sommige onbewuste karakteristieken die worden geassocieerd met dominantie, zoals hoogte en fysieke grootte, typische mannelijke karakteristieken zijn, dit niet betekent dat deze en andere karakteristieken niet kunnen worden gemanipuleerd door anderen, inclusief vrouwen, om gelijke effecten te produceren in submissives. High Heels kan een voorbeeld zijn van zulke manipulatie. Zelfvertrouwen en assertiviteit bij het maken beslissingen zijn zaken die onderwerping kunnen triggeren, zoals het fysieke de sub manipuleert door hen bij het haar te pakken of iets rond de nek plaatsen (Collar of leash). Militaire of andere uniformen kunnen ook effectief zijn. De toon van de stem is belangrijk. Het maken en onderhouden van oogcontact is ook belangrijk. Je fysieke houding naar je submissive, of je nu fysiek close bent of op haar neerkijkt, kan ook triggeren.
Een belangrijke karakteristiek van een dominant is het gemak waarmee zij onderwerping accepteren. Voor iemand met een aangeboren sterk actieve submissive achtergrond is acceptatie van haar onderdanigheid een belangrijke trigger om meer los te maken.


Seksuele aantrekkingskracht en opwinding

Seksuele opwinding – waarin begrepen de verschillende stages van interesse voor enig duidelijke fysieke opwinding zoals een erectie – is deels onbewust. Het is duidelijk een overlevingskarakteristiek die we automatisch herkennen er waar we op reageren bij de juiste personen van dezelfde soort. Het is aanneembaar dat ieder van ons ingebakken “beelden” heeft van hoe zowel een aantrekkelijke man eruit ziet als ook een aantrekkelijke vrouw. De penis en vagina hebben maar een beperkte plek in het grote gebeuren. We reageren het meest op fysieke grootte, heupmaat – zowel bij mannen als vrouwen, de lengte van haar, stevige ronde borsten, indicaties van fysieke conditie en gedrag dat aantrekking naar jou impliceert.
We reageren ook op andere karakteristieken die indicatief zijn voor geslacht:

1. Manier van lopen
2. Elk verzorgend gedrag
3. Agressiviteit of assertiviteit
4. Onderdanigheid

Hoewel het is ingebouwd om te reageren op deze karakteristieken wordt ons waarnemingvermogen significant aangepast door invloeden van het onderbewust. Eerdere ervaringen met vrienden, ouders etc. zullen onze seksuele voorkeur op verschillende manieren vormen. Het geeft ons zowel karakteristieken die we vermijden bij de keuze van een sekspartner als ook de karakteristieken die we gebruiken bij het zoeken. De reikwijdte waarin de onbewuste predispositie invloed heeft op het onderbewust varieert per persoon, afhankelijk van hun ervaringen en mate van zelfreflectie.
Beelden die ons worden gebracht vanuit onze macro- en micromaatschappijen zullen ons ook voor een groot deel conditioneren. Een interessant gegeven is dat wij, in onze westerse samenleving, zo geconditioneerd zijn dat we al seksueel reageren op een stukje decolleté, ondanks het feit dat we op het strand veel meer kunnen zien en dat men in andere meer primitieve samenlevingen bijna de gehele dag naakt rondlopen. De oorsprong van het onderbewust conditioneren is soms makkelijk te identificeren. Adverteren is altijd een goed doel gezien het feit dat opzettelijk ons gedrag wordt gemanipuleerd. Religie is in het geval van seksueel gedrag ook een goed doel. Enkele voor de hand liggende seksuele beelden die het waard zijn te vermelden zijn fallusgevormde beelden, rode natte lippen, TV en adverteren met de symbolische overeenkomsten met opwinding zijn bekend.

Ik verwacht dat ik hier een beeld heb gecreëerd waaruit blijkt dat het instellen van controle door archetypes en predisposities nogal wat vraagt om de submissive te triggeren in een reactie. Dit kan de manier zijn maar het is niet altijd nodig. De beste manier om een submissive reactie te krijgen van je sub is om je eigen dominantie te uiten. Net zoals een archetype moeder een archetype kind nodig heeft, wordt de archetype submissive getriggerd door de archetype dominant. Het tonen van je eigen archetype dominant is de sleutel, zowel om een betere en krachtigere reactie van je sub, maar ook voor een betere bevredigender reactie van jezelf.

Hoe doe je dat?

Net als je moet leren wat het is dat je sub triggers moet je leren wat het is dat jou triggers. Voel je je meer dominant na een film met Arnold Schwarzenegger? Begint je flow wanneer je de nek vastpakt van je sub en ziet dat ze smelt op haar knieën voor je? Doet het dragen van leer het voor je? Je kunt ook wachten tot de juiste ambiance, maar het nemen van controle betekent ook jezelf controleren. Leer van jezelf en wat je drive is zodat je je eigen gevoelens en archetype kunt gebruiken voor de drive van je submissive.


Conclusie

Bewustzijn en besef van onderbewust en onbewust archetypes en predisposities geven ons aanknopingspunten die we kunnen gebruiken om te manipuleren en controleren. Sommige aanknopingspunten werken beter dan anderen en sommige mensen reageren er sterker of minder sterk op. Deze aanknopingspunten geven ons echter een goed uitgangspunt en de middelen die we kunnen gebruiken met enige zekerheid dat ze in de meeste gevallen succesvol zijn.
Ons toegenomen besef van deze aanknopingpunten maakt het voor ons ook makkelijker te herkennen wanneer iemand probeert ons te manipuleren of te controleren middels dezelfde archetypes.


Dingen om over na te denken

1. Wat triggert een dominante “rush” bij jou? Wat ontvlamt? Is het seksueel? Is het gerelateerd aan een andere activiteit? Is het gerelateerd aan “beelden” die je ziet? Zijn er dingen die niet gerelateerd zijn met je sub?
2. Als je een sub bent; wat triggert jou? Zijn er beelden of handelingen die het voor je doen?
3. Zijn er dingen die je specifiek tegenvallen? Wanneer je jezelf specifiek dominant of submissive voelt zijn er dan dingen die je direct terugbrengen naar neutraal?